Vier keer op stage

Tijdens de opleiding loop je vier keer stage. Elke stage duurt een half jaar (20 weken). Er is een verplichte ziekenhuis stage en een verplichte huisartsstage.

De stage begint in het eerste jaar in de vierde periode en duurt een jaar, je loopt op donderdag en vrijdag stage. In het tweede jaar loop je eveneens een jaar stage, maar wijzigt het aantal stagedagen naar drie: maandag, dinsdag en woensdag.
Voorafgaand aan deze stages van een jaar, is er een oriërenterende stage van twee weken. Deze stage vindt plaats aan het einde van  eerste periode.

Voorbeelden van stageplaatsen:

  • een huisartsenpraktijk;
  • een polikliniek van een ziekenhuis;
  • een gezondheidscentrum;
  • een bedrijfsgeneeskundige dienst;
  • de jeugdgezondheidszorg;
  • andere gezondheidsdiensten en verpleeghuizen.

Wat zeggen deelnemers over de stage?

Joyce: “Stage is actie! Zien, horen, doen! Je brengt de theorie in de praktijk. Het is het leukste onderdeel van de opleiding.”
Annemiek: “Ik leer erg veel op de stage.”
Ebru: “We krijgen de kans om zoveel mogelijk stage te lopen en op verschillende plaatsen.”
Britt: “In het eerste jaar ga je al snel op stage waar je heel veel leert. Je mag zelf een stage regelen, maar de leraren gaan ook voor je op zoek.”
Chantal: “Je mag veel zelfstandig doen.”